woensdag 17 februari 2010

9-16 februari

9 en 10-2. Met Edgar gaan we naar Colchagua waar Edgar 22 hectare land heeft en mais verbouwd. Tenminste, naar goed Chileens gebruik heeft Edgar de grond gekocht en iemand anders doet het werk. Wel delen ze samen de opbrengsten van het land. De regio staat bekend om zijn goede wijnen. Samen bezoeken we de vina Viu Manente. We slapen in het hotel Casa de Campo van een vriend van Edgar, Armando. Armando blijkt uitstekend in staat pollos te bbq-en en met een hoop drank en wat andere vrienden eten we tot middernacht.



De volgende dag blijkt dat je van teveel pollos best beroerd wakker kunt worden. Toch bezoeken we het museum in Santa Cruz en Edgar zijn grond. Colchagua is onder meer door de vele wijngaarden sterk in opkomst. Er komen steeds meer nieuwe restaurants en hotels, al dan eigendom van buitenlanders, met een erg prettige en kwalitatieve uitstraling.

11-2. 's Ochtends first thing naar de dealer. De eigendomspapieren, nodig voor grensovergangen, zijn terug van de notaris. De reservesleutel en kapje voor de dakrailing niet. Die belooft hij op te sturen als we ergens in een plaats zijn. We besluiten de betrouwbaarheid van Chileense autoverkopers eens op de proef te stellen en gaan op pad naar Sewell, een verlaten mijnstadje op een afstand van een paar uur rijden van Santiago. Omdat het al laat wordt besluiten we te overnachten in een hotel, Termas de Cauquenes. Het hotel ziet er van buiten net zo uit als de naam klinkt, chique en romantisch. Ook de binnen patio en receptie zien er fraai uit. Volgens de Footprint heeft Charles Darwin er in 1859 nog geslapen. Eenmaal in onze kamer geloven we dat jaartal meteen. Het heeft veel weg van een oud schmutzig hondenhok. De termas zijn kleine hokjes met groot uitgevallen voetenbadjes. En er lopen beschimmelde bejaarden die al jaren niet gelachen hebben. We kiezen voor de douche op de kamer. Vreemde gewaarwording als we 's avonds in het restaurant zitten, er is verder niets in de buurt. We krijgen een perfect gepresenteerd vier gangen-menu dat ook nog eens voortreffelijk smaakt. De kok moet zich vast eenzaam voelen.

12-2. De volgende morgen vertrekken we naar Sewell. Er staan vrijwel geen borden langs de weg die zich regelmatig splist, dus we snappen wel waarom Sewell verlaten is. Er is geen hond die het kan vinden. Toch staan we na een dik uur rijden voor een slagboom. Dit is de weg naar Sewell vertelt een man met helm ons, maar alleen toegankelijk met een tur de turistico. Kaarten voor de tur zijn verkrijgbaar bij... de thermas. Dus we moeten of weer terug, of Sewell laten voor wat het is: een verlaten mijnstad. We kiezen voor het laatste en gaan op weg naar Pichilemu aan de kust, een niet verlaten surfer-dudes domein. Aan het einde van de middag komen we daar aan en kiezen voor een camping om onze nieuwe tent uit te proberen. Maar eerst scoren we een varkenslap voor op de BBQ en twee flessen goede wijn.

De tent opzetten gaat als een speer. Het samen oefenen op Ikea kasten werpt duidelijk zijn vruchten af. Dat kun je niet zeggen van de BBQ. Aanmaakblokjes zijn onbekend in Chili en met oude kranten een een kartonnen doos is de maan al lekker op weg voordat de kooltjes gloeien.

13-2. Pichilemu is behoorlijk druk. Surfers zijn niet de meest kapitaalkrachtige mensen op de planeet en het verschil met Zapallar is groot. Vandaag wordt het eerste dagje strand van de vakantie. Veel zon en wind, een strakke 7 Beaufort en zwart zand. Veel Chilenen ook, echte die-hards. Zwemmen in de Stille Oceaan mag van de strandwachten alleen 10 meter van het strand af, ze fluiten wat af op zo'n dag.

14-2. Relaxed pakken we 's ochtend de tent in en drie uur later gaan we op weg richting Pucón. Soms gaan de wegen over van asfalt in grind en dat haalt het tempo aardig omlaag. Aangezien we geen haast hebben maakt dat ook niet uit. Omdat we Pucón toch niet gaan redden en zin hebben in wijn en een zwembad, besluiten we om neer te strijken in Vilches.

15-2. Naar Pucón. Pucón is een toeristisch, maar niet té, plaatsje aan Lago Villarrica, genoemd naar de gelijknamige vulkaan.

Omdat er regen is voorspeld, en we ook geen hard-core kampeerders zijn, kiezen we voor een van de vele cabañas. Ellen en haar vriendin Monica zijn ook in Pucón en slapen bij een vriend, Checho. 's Avonds eten we in La Maga met zijn tweeën 1 kilo van de beste steak in Chili. Echt een reden om naar de plaatselijke disco te gaan en calorietjes te verbranden. Checho weet de best club in town, El Capital. Binnen schroeven we vooral de gemiddelde leeftijd fors omhoog en op de muziek gaan alleen de Chilenen los. Dus naar een andere bar en daar blijven we tot sluitingstijd.

16-2. We zijn uitgenodigd door Checho op een privéstrand aan het meer voor een BBQ.

Aan het begin van de avond stellen Monica en Checho voor om in plaats van de BBQ naar termas te gaan, circa 1½ uur rijden van Pucón. Een groot gedeelte van de weg gaat langs de vulkaan omhoog en is behoorlijk donker en off-road. We komen een paar auto's tegen onderweg en lachen om de grap dat als we aankomen het wel eens dicht kan zijn. En inderdaad blijkt later dat 21:00 uur de boel op slot gaat. Maar wat verder is er toch nog een termas open en daar blijven we met zijn vijven tot middernacht bij fakkellicht buiten in grote ronde houten baden. Toffe beleving.

Ook de terugweg is erg enerverend, Jack rijdt en de rest slaapt. Kwam vast door die laatste mango-sour.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten